beUnited Online samenwerken #1 - Het “nieuwe werken” achterhaald

Online samenwerken #1 – Het “nieuwe werken” achterhaald

De manier waarop we werken en samenwerken is gedurende de afgelopen 40 jaar structureel veranderd. Dit zal zich in de toekomst zonder enige twijfel verder gaan ontwikkelen. We zijn tegenwoordig vooral kenniswerkers geworden die onafhankelijk van tijd en plaats online zijn gaan samenwerken. De Covid-19 pandemie heeft het samenwerken vanuit verschillende locaties zelfs noodzakelijk gemaakt. Verplaatsingen en reizen werden noodgedwongen beperkt waardoor we meer online zijn gaan communiceren en vergaderen. Toch zijn we ons werk en het samenwerken nog steeds niet wezenlijk anders gaan organiseren.

De zegen van Covid-19

“Aan ieder nadeel zit een voordeel” zou Johan Cruijff gezegd hebben. Vanaf maart vorig jaar werd Nederland plotseling geconfronteerd met het feit dat we vanuit huis moesten gaan werken en niet zonder meer naar kantoor mochten. Voor sommige mensen was dat een aangename verrassing, voor anderen wat minder. We konden een uurtje langer op bed blijven liggen én het fileprobleem in Nederland leek in één klap opgelost. We bespaarden behoorlijk wat reistijd naar en van ons werk.

So far so good.

Met het op grote schaal “op afstand” werken is het duidelijk geworden dat er iets serieus mis gaat met dat online samenwerken. De resultaten van al ons werk en de productiviteit blijven substantieel achter in vergelijking met het werken op kantoor. Het werk om te werken is fors toegenomen. Wat gaat er nog meer mis en wat kunnen we doen als we toch meer op afstand willen blijven werken? Werken vanuit huis of hybride werken is naar verwachting immers een blijvertje geworden.

Het nieuwe werken

In de tweede helft van de zero’s kwam door de toegenomen beschikbaarheid van bandbreedte op het Internet toepassing van cloud computing op gang. De continue ontwikkeling van softwaretools en de opslag van informatie in de cloud brachten ons daarmee het “nieuwe” werken. Communicatie in beeld en geluid inclusief het delen van informatie was al eerder mogelijk geworden door Skype. Toch bleef het nieuwe werken beperkt tot het werken in het park, de coffeeshop en inderdaad vanuit huis. Maar van echt online samenwerken was er nauwelijks of geen sprake en – eerlijk is eerlijk – het gelijktijdig samenwerken met verschillende mensen in één document was ook niet echt een groot succes. Al wilde Microsoft toen ons anders doen geloven.  

Online samenwerken

Uitzonderingen daargelaten zijn er in de afgelopen tien jaar maar weinig partijen gaan nadenken over hoe we het best online zouden moeten samenwerken. Natuurlijk hebben we steeds meer handige softwaretools gekregen. ICT giganten zoals Google kunnen ons precies vertellen hoe we in een succesvol team door mindfulness onze werkdruk onder controle kunnen houden. Software as a service reduceert en beheerst onze ICT kosten , maar hoe dat we het best online kunnen samenwerken? Hoe kan het toch zijn dat we geen doeltreffend antwoord hebben op zo iets elementairs? Samenwerken en werken.

Methodiek en standaardisatie

Samenwerken en werken. Binnen en buiten een organisatie. Onafhankelijk van plaats en tijd. Het moge duidelijk zijn dat dat alles vraagt om afspraken en werkprocedures. Om misverstanden en fouten te voorkomen, om effectief en efficiënt te kunnen samenwerken moet er duidelijkheid en overeenstemming zijn over hoe dat we moeten samenwerken. Er is nood aan een methodiek en aan standaardisatie. Als Jan anders werkt dan Piet dan kun je er vrij zeker van zijn dat er heel veel mis kan gaan.

De ISO, de International Standards Organization, is verantwoordelijk voor een veelheid aan normen voor een groot aantal belangrijke zaken. Voorbeelden daarvan zijn kwaliteitsbeheer, milieubeheer, energiebeheer, gezondheids- en veiligheidsnormen , voedselveiligheid en IT bewaking. Maar vreemd genoeg zijn er geen gestandaardiseerde normen voor zulke belangrijke zaken als werk- en kennisbeheer. Wél is er op 1 maart 2017 de ISO 44.000 norm “Principles for successful collaborative business relationship management” gepubliceerd. Deze standaard geeft echter alleen richtlijnen voor de implementatie van een organisatiestructuur om tot een samenwerking van twee of meer organisaties te kunnen komen. Het zegt helemaal niets over de wijze waarop het samen werken op zich gerealiseerd moet worden.

Netwerkorganisatie

Medio 2010 begonnen wij, een aantal Internet ondernemers van het eerste uur, ons af te vragen hoe je het best kon samenwerken in een netwerkorganisatie. Hoe dat je dat vanuit verschillende locaties kon doen. Onder de projectnaam Conciglio werd in relatief korte tijd een allereerste opzet voor een methodiek ontworpen die online samenwerking op projecten mogelijk moest maken. Een functioneel ontwerp voor een samenwerkingsplatform werd gemaakt maar door beperkte financiering werd het platform nooit helemaal afgebouwd. Het bleek ook niet nodig te zijn.

In Silicon Valley waren Dustin Moskovitz en Justin Rosenstein aan hetzelfde idee gaan werken. Moskovitz, medeoprichter van Facebook, had die onderneming in 2008 verlaten uit onvrede over de manier waarop er werd samengewerkt in software ontwikkeling. Het moest anders en hij  kon als kersverse miljardair de nieuwe ontwikkelingen niet alleen uit eigen middelen betalen, hij werd daarenboven ook nog eens voorzien van het nodige durfkapitaal.

De eerste bèta versie van Asana kwam in november 2011 op de markt en wij zijn vanaf dat moment zeer enthousiaste gebruikers geworden. De focus werd verlegd van alleen projectmanagement naar algeheel werkmanagement. Een belangrijk aspect voor inzichten in meer algemene standaardisatie.

Met het Asana platform kunnen allerhande werkzaamheden voor iedere vorm van organisatie optimaal worden geconfigureerd. Het biedt de individuele gebruiker een compleet overzicht over al zijn activiteiten. Asana heeft daarmee individueel taakbeheer in netwerken met een efficiënte online samenwerking technisch mogelijk gemaakt. Vandaag bevat het platform heel veel functionaliteiten maar er is zeker geen sprake van een duidelijke werkmethodiek of standaardisatie. Jan en Piet kunnen doen waar ze zin in hebben.

Conciglio

De ontwikkeling van het Conciglio gedachtegoed heeft nooit stilgestaan. Er is in de afgelopen 10 jaar veel geëxperimenteerd met verschillende organisatievormen en projecten. Er is wat dat betreft heel veel geleerd. Het heeft geleid tot de ontwikkeling van een filosofie én een methodiek die nu effectief en efficiënt online samenwerken mogelijk maakt. De primaire basis wordt daarbij gevormd door individueel taakbeheer en is geïnspireerd door GTD, Getting Things Done, van David Allen. Het online samenwerken kan doordat iedereen op het platform activiteiten en projecten kan initiëren en wel of niet kan delen met anderen op verschillende niveaus. De Conciglio methodiek standaardiseert individueel taakbeheer en het online samenwerken in én tussen organisaties. Het waarborgt de hoogst mogelijke productiviteit zonder overbelasting van teams of medewerkers. Het voorkomt stress en burn-out.

Met de ontwikkeling en recente nieuwe inzichten in Conciglio kennisbeheer (PKM) wordt integratie met Conciglio werkbeheer mogelijk gemaakt. Dat betekent “denken en doen” vanuit één eigen omgeving op je PC en van waaruit je ook nog eens optimaal kunt samenwerken met anderen.

You have to work hard to get your thinking clean to make it simple. But it’s worth it in the end because once you get there, you can move mountains.  _Steve Jobs_

In de komende weken zal ik geïnspireerd door bovenstaande uitspraak van Steve Jobs het Conciglio gedachtegoed en de ervaringen van de afgelopen 10 jaar in mijn blogs gaan delen. Ik ben daarbij heel erg nieuwsgiering hoe jij als lezer, manager of ondernemer, het thuiswerken in de afgelopen anderhalf jaar ervaren hebt. Wat de belangrijkste problemen zijn geweest en hoe daarmee is om gegaan. Ik zal dan in mijn blogs daar (anoniem) de nodige aandacht aan besteden.

Vragen, terugkoppeling of reacties kunnen altijd worden toegestuurd via het onderstaande Asana formulier. Alle reacties worden zo voor mij automatisch zichtbaar als een taak zonder dat ik überhaupt mijn email hoef na te kijken. Antwoord wordt zo te allen tijde gegarandeerd! Probeer het maar en bedenk hoe handig dit is! 😊

Asana reactieformulier

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin
Share on telegram
Share on xing
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on email
Share on print
Share on facebook

Verbeelding is belangrijker dan kennis (Albert Einstein)

In de afgelopen weken heb ik geschreven over kennisbeheer en ons tweede brein. Naar het eind van het jaar toe zal ik in 10 delen gaan schrijven over online samenwerking en het belang van individueel netwerkmanagement. Dan kunnen we in 2022 het beste uit onszelf gaan halen én er een relaxed stressvrij leven op nahouden. Hoe mooi is dat.

Individueel netwerkmanagement, dat is zeker geen contradictie in terminus. Het heeft ook weer alles te maken met het Conciglio denken en doen. Het beheer van onze kennis en onze activiteiten. Maar voordat ik in het volgend artikel in zal gaan op online samenwerking en netwerkorganisatie deze week eerst de aandacht nog even op iets anders!

Conceptontwikkeling

Iemand heeft een idee en in het beste geval wordt er voor de ontwikkeling van een product, een nieuwe dienst of project eerst een marktonderzoek gedaan. Ondanks de enthousiaste inzet van alle medewerkers en de beschikking over voldoende financiële middelen slaat het uiteindelijk resultaat van alle inspanningen niet aan. Project mislukt!

Een jarenlang succesvolle onderneming met mooie producten en diensten, een duidelijke focus op expansie, schaalvergroting en winstmaximalisatie komt plotseling onverwachts én heel erg snel in zwaar weer terecht. Hoe kan dat nou?

Niet zelden ligt de oorzaak bij conceptontwikkeling…… Of beter gezegd het ontbreken ervan in het gehele proces van business development.

Huh. Wat is dan conceptontwikkeling precies?

Het ontwikkelen van concepten wordt vaak verward met het genereren van ideeën. Daarbij worden onder meer brainstormsessies ingezet. Maar een idee is nog geen concept. Verwarring ontstaat ook regelmatig met de initiatieffase bij het ontwikkeling van producten, diensten en projecten. Conceptontwikkeling is echter veel meer! Het gaat om de ontwikkeling van concepten op zich. Het is een methodiek, een manier van werken en gestructureerd denken om te kunnen komen tot innovatieve oplossingen. Het is een creatief denkproces en kent een gedeeltelijke overlap met aan één kant trendwatching en aan de andere kant marktonderzoek. Het is een afgebakend vakgebied binnen business development.

Het eindresultaat van conceptontwikkeling is de conceptdefinitie en het conceptboek. Het laatste geeft input voor de verdere ontwikkeling van producten, diensten of projecten. Het levert daarbij richtlijnen voor de bewaking van het concept.

Is dat allemaal nu wel nodig?

Ik ben van mening dat als je iets doet het maar beter goed kunt doen. Toch zeker als het gaat om de toekomst en vernieuwing. Conceptontwikkeling is dus nodig om optimaal in te kunnen spelen op ontwikkelingen en trends. Om duidelijkheid te krijgen dat er geen kansen blijven liggen en om de juiste definitie te geven aan het marktonderzoek alvorens je begint met ontwikkelen van je MVP. Conceptontwikkeling vooraf zorgt er ook voor dat je bestaande producten en diensten voortdurend kunt verbeteren. Het gehele proces wordt opgedeeld in drie fasen: Analyse, Ontwerp en Realisatie.

Analyse

Het analyseproces bestaat uit vier onderdelen, DOTS, wat staat voor doelgroepen, opdrachtgever, trends en sectoren.  Bij de verschillende doelgroepen brengen we specifieke manifeste waarden in kaart en dat levert een definitie op van personas of ijkpersonen. Daarnaast kan er een beeld worden gemaakt van de identiteit van de initiatiefnemer. Geschiedenis of achtergrond, cultuur, missie, visie, waarden en marktpositie zijn verschillende aspecten die daarbij in acht moeten worden genomen. Het trendonderzoek speelt zich af op drie verschillende niveaus: mega, macro en microtrends. Tenslotte wordt er gekeken naar verschillende sectoren. De analyse levert een zogenaamde “valuefit”  op waar per doelgroep opportuniteiten, pijnpunten en oplossingen worden samengevat.

Ontwerp

In de ontwerpfase wordt vanuit de valuefit een conceptstatement opgesteld van waaruit meerdere concept ontwerpen worden ontwikkeld. Deze bestaan uit waardeproposities voor de verschillende doelgroepen gedefinieerd in concepten, pijnverzachters en voordeelverschaffers.

Realisatie

Het conceptboek omvat alle relevante informatie over het conceptontwerp dat nodig is om over te kunnen gaan tot nader marktonderzoek en tot de definitieve ontwikkeling. Hierbij komen de volgende aspecten aan de orde: conceptdragers, communicatie, organisatie, fysieke omgeving, materialisatie en netwerken.  De structuur van het conceptboek volgt een Osterwalder Business Model Canvas (BMC).

In het eerste hoofdstuk staat de WAT-vraag centraal. Hierin moet specifiek worden aangegeven wat de centrale conceptdrager (product of dienst) is. Het tweede hoofdstuk WIE gaat gedetailleerd in op de beoogde doelgroepen. Er wordt gebruik gemaakt van de resultaten uit de doelgroep analyses. In het derde hoofdstuk HOE wordt duidelijk hoe de implementatie van het conceptontwerp georganiseerd wordt. Kort samenvattend. De primaire conceptdrager komt in H1 terug,  communicatie in H2. Fysieke omgeving, materialisatie, netwerken en organisatie in H3. In hoofdstuk vier tenslotte wordt de financiële balans opgemaakt. Onderdeel van dit hoofdstuk is een voorlopige en globale investerings- en exploitatiebegroting. Het geheel brengt je inzichten in nieuwe concepten.

Verbeelding is belangrijker dan kennis.

Deze uitspraak is van een van de grootste denkers ooit. We mogen echter niet voorbij gaan dat aan Einstein zijn inbeeldingsvermogen een systematische manier van denken en analyse vooraf is gegaan. Het leverde hem de concepten die hem als eerste tot zijn uitzonderlijke inzichten en bevindingen brachten. Conceptontwikkeling is volgens mij naast kennis een investering in inzichten. Inzichten die je behoeden voor het maken van fouten maar bovenal je een zakelijk strategisch voordeel kunnen brengen. Het maakt je, zoals tegenwoordig vaak gepopulariseerd wordt, beweeglijk en veerkrachtig.

Tot gauw, PJ 15 oktober 2021

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin
Share on telegram
Share on xing
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on email
Share on print
Share on facebook
Je ziet het pas als je het door hebt!

Je ziet het pas als je het door hebt!

Hé Pierre, leuk artikel vorige week. Maar serieus, wat is er nu zo vernieuwend? Als je je werk bij elkaar opslaat zodat je het terug kunt vinden, dan heb je toch een tweede brein op je harde schijf… Toch? David, dertiger en ICT’er, keek me aan met een blik van wat doe je nou in godsnaam moeilijk en dat met een lach erbij van “Got You!”.

Het duurde even voordat het bij me doordrong dat met het laatste “Toch?” een vraag gesteld was en dat er een bevestiging verwacht werd. Een déjà vu gevoel bekroop me en ik dacht al vrij snel “Je ziet het pas als je het door hebt”. Dé uitspraak van Johan Cruijff die alles in zich droeg: Het wordt moeilijk te begrijpen door de eenvoud.

“Nou nee, niet echt David” was dan ook mijn eerste reactie gevolgd door “Laten we even gaan zitten en koffie drinken, het is vandaag tenslotte 1 oktober wereld koffiedag. Laat me je uitleggen wat er zo vernieuwend is. Maar laten we het eerst hebben over kennis en informatie.”

Kennis en informatie

Een groot probleem is vaak dat mensen zoals David informatie beschouwen als datgene waar alles om draait. We leven tenslotte in een informatiemaatschappij en in een informatie economie. Alle andere zaken of aspecten zijn bij David ondergeschikt aan informatie en data. Bij Conciglio vertrekken we met kennis en communicatie als de belangrijkste begrippen. In onze communicatie dragen we informatie over. We verrijken onze kennis door het verwerken van nieuwe informatie. (Sta hier maar eens even bij stil)

Als we wikipedia er op naslaan dan verstaan we onder kennis dat wat geweten wordt, opgeslagen is in ons geheugen en waar een individu inzicht in heeft. Kennis is dus iets individueels, het is dan ook geen informatie. Onder informatie verstaan we alles wat kennis toevoegt en zo onwetendheid, onzekerheid of onbepaaldheid vermindert. Kenmerkend aan informatie is dat het interpreteerbaar is. Door interpretatie en integratie in je bestaande kennis wordt het persoonlijk. Je kennis neemt toe als je tenminste niet te veel vergeet.

We praten vaak over kennisoverdracht en ook dat is niet echt hetzelfde als informatieoverdracht. Het zorgt voor verwarring. Kennisoverdracht is informatieoverdracht met “iets”. Dat iets kan dan onderricht, richtlijnen of advies zijn. Dan nog is het geen kennis. De informatie wordt pas kennis als jij de informatie verwerkt hebt. Informatie sla je op in de cloud of op je harde schijf, je nieuwe kennis sla je op in je geheugen en sinds kort in je tweede brein.

Het verhaal van Niklas Luhmann

In het artikel van vorige week refereerde ik al naar de zettelkasten van Niklas Luhmann. Niklas was een begenadigd lezer en ontwikkelde zijn systeem om alles beter te onthouden en opgedane kennis te gebruiken al in het begin van de zestiger jaren. In die zin is de basis voor het tweede brein en ook voor PKM (Persoonlijk Kennis Management) zeker niet vernieuwend. Wél vernieuwend is dat we pas sinds kort anders met de oorspronkelijke zettelkastenmethode kunnen omgaan. Daarmee is er een begin gezet voor de ontwikkeling van een vernieuwde methodiek om kennis nog sneller te kunnen verrijken. Om kennis als kennis te kunnen gebruiken kunnen we het niet zonder meer als informatie opslaan in de cloud. Hiermee beste David heb je al een deel van je antwoord. 

Conciglio PKM

Het is voor ICT’ers en andere kenniswerkers belangrijk om te realiseren dat hard- en software alleen vrij nutteloos is voor kennisontwikkeling en het beheer van je kennis. Een gepaste methodiek of een werkwijze is nodig om er consequent en optimaal mee om te gaan. Met de huidige software en met de zettelkasten als basismethode biedt Conciglio PKM methoden voor de opzet, de ontwikkeling, het gebruik en het beheer van jouw tweede brein. Het geeft oplossing voor hoe je je informatie opwerkt  tot kennis en opslaat zodat het ook als kennis ingezet en gebruikt kan worden. Informatie sla je op in de cloud of op je harde schijf in allerlei bestandsformaten, kennis sla je op in MD formaat met voor jou relevante tags (context) en gekoppeld aan jouw eerdere kennisbestanden (content). De grootte en de content van een kennisbestand is klein en specifiek. Het verschilt wezenlijk van informatie die in grote en samengestelde bestanden in verschillende bestandsformaten wordt opgeslagen. Dit is het tweede gedeelte van het antwoord beste David. Nog een koffie?

Graag! “Tell me more” …….

Je tweede brein

Om met je kennis te kunnen werken moet je snel op een zinvolle manier van gedachte naar gedachte kunnen gaan om nieuwe inzichten te ontwikkelen. Je moet associaties kunnen maken, goede invallen krijgen. Soms op basis van redeneren, soms op basis van serendipiteit. Een goed tweede brein helpt je hier enorm. Een goed ontwikkeld tweede brein is dan ook onbetaalbaar.

Je kunt er weliswaar vandaag al ad hoc mee beginnen maar het is van het grootste belang dat je vanaf het begin alles goed opbouwt. Geen terabytes aan info gaan wegschrijven maar jouw eigen weldoordachte kennisbestandjes ontwikkelen. Kennisbestandjes die onderling verbonden zijn zoals de neuronen in de neuronale netwerken in je hoofd. Je hebt er dan al heel snel, heel veel profijt van.

Het is allemaal niet zo moeilijk, de software is gratis, het kost ook niet veel tijd, maar het vereist wel methodisch werken en de ontwikkeling van een aantal goede gewoontes. (Ik dacht laat ik voorzichtig zijn want David was al iets eerder te kort door de bocht) Je houdt gedurende de dag continue losse notities bij van ideeën of van wat er van belang is. Als je artikelen of boeken leest doe je dat ook. Je werkt dagelijks deze notities op tot kennisbestandjes, wat grotere referentiebestanden en je slaat ze op in je tweede brein. Je hoeft niet eens echt na te denken waar. Nadenken doe je in de toekomst vooral samen met je tweede brein. Luhmann beschouwde zijn zettelkasten als zijn persoonlijke intellectuele gesprekspartner. Zo kun je het zien.

We hebben al met al nog lang zitten praten over een veelheid van leuke onderwerpen. Het weekend in aantocht en afgesloten met een biertje. We zien elkaar op 6 november opnieuw.

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin
Share on telegram
Share on xing
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on email
Share on print
Share on facebook

Analoge dementie of digitale filosofie?

Denken is zonder enige twijfel de belangrijkste activiteit van een kenniswerker. Denken is op zich niet zo heel erg bijzonder. We doen het tenslotte allemaal. De een iets meer en beter dan een ander. Maar toch, voor een kenniswerker is het maar beter een kunstje wat hij of zij goed beheerst. Hoe kun je nou sneller en beter denken? Wat wil je zijn? Een digitaal filosoof of een slachtoffer van analoge dementie, een digibeet 2.0!

We gaan er van uit dat we denken met onze hersenen. We weten er eigenlijk niet zo gek veel van maar realiseren ons wel dat het een heel bijzonder orgaan is. Het is nodig om de prikkels die onze zintuigen raken om te zetten in waarnemingen en die ook nog eens betekenis te geven. Het is de controlekamer, het meet- en regelsysteem, van ons lichaam en zorgt ervoor dat ons hart blijft kloppen zonder dat we er over moeten nadenken. Maar het laatste is toch wel het meest bijzonder. We denken, tenminste als we wakker zijn.

Gedachten

Als we denken produceren we gedachten. Het is een doorlopend gebeuren en we zijn er ons op het ene moment heel erg bewust van en op andere momenten wat minder of helemaal niet. Echt gedachteloos zijn we nooit maar er wordt wel eens gesteld dat we er met onze gedachten niet bij zijn. Dat betekent dan dat we aan iets anders denken dan van wat er verwacht wordt. Je denkt aan strand en palmbomen in die zoveelste saaie projectvergadering op kantoor. Herken je dat? Je bent aan het dagdromen. De intensiteit van de verschillende opeenvolgende gedachten komt en gaat in vlagen.
Soms schrijven we onze gedachten op. Als we iets niet willen vergeten, als we onze gedachten proberen te structureren of gewoon als het resultaat van ons werk dat we verder delen met anderen. Losse notities en kattenbelletjes gooien we meestal weg, soms houden we bepaalde gebeurtenissen en gedachten bij in een dagboek of in een journaal en het resultaat van ons werk eindigt vaak in een dossier en later in een archief.

Conciglio

Met betrekking tot ons werk maken we in Conciglio een onderscheid in ons denken. Heel erg bewust met een duidelijk vast omlijnd doel of resultaat voor ogen zoals het geval is als we een bepaalde taak uitvoeren. Of alternatief en ook heel erg bewust binnen een bepaald context maar zonder dat het doel vooraf al vaststaat. Het laatste – ook wel nadenken, bespiegelen of filosoferen – leidt tot een mening over iets of resulteert in een inzicht of kennis over een bepaald onderwerp. Het eerste is gerelateerd aan het beheer van je taken en activiteiten, het tweede aan het beheer van je gedachten en persoonlijke kennis.
Over individueel taakbeheer en over effectieve of efficiënte samenwerking heb ik in het verleden regelmatig geschreven. Over het beheer van kennis en informatie echter aanzienlijk minder. Het gaat dan meestal alleen over de opslag en het terugvinden van werk gerelateerde informatie op de harde schijf van je computer of in de cloud. Het gaat nagenoeg nooit over de inzet en ontwikkeling van gedachten en kennis. Hoe fijn zou het niet zijn als je kon beschikken over een tweede brein die je helpt om sneller en beter te denken en zorgt dat je maar weinig vergeet van wat je ooit hebt geleerd. Toekomstmuziek? Nee hoor, verre van dat! Conciglio PKM (Persoonlijk Kennis Management) is een wezenlijk onderdeel van de methodiek.

Zettelkasten

De Duitse socioloog Niklas Luhmann ontwikkelde in de zestiger jaren een systeem waarmee hij zijn kennis over wat hij gelezen en geleerd had opsloeg op een zodanige manier dat hij het ook snel kon terugvinden. Hij sloeg zijn notities en aantekeningen op in een zogenaamde zettelkasten en gebruikte het om nieuwe ideeën en inzichten te ontwikkelen. De basis van dat systeem wordt tegenwoordig digitaal met meer handige functionaliteiten gebruikt voor persoonlijke kennisbeheer. Luhmann beschouwde zijn zettelkasten als een onafhankelijke intellectuele partner met wie hij in overleg was. Wij noemen het tegenwoordig je tweede brein. Nee, het is op zich geen kunstmatige intelligentie.

Je hoofd leegmaken

Net zoals Conciglio werkbeheer het mogelijk maakt om je hoofd leeg te maken en toch overzicht te houden werkt het bij het Conciglio kennisbeheer ook zo. Je slaat je gedachten op in verschillende soorten notities. Net zoals je in je brein allerlei associaties kunt maken, kun je in je tweede brein deze verschillende notities verbinden met andere notities en context geven. Dat doe je, nee het is geen hogere wiskunde, door middel van links en tags! De manier hoe dat je nieuwe ideeën en inzichten kunt genereren is eenvoudig aan te leren en hedendaagse software maakt het mogelijk om dit alles goed te beheren. Een leeg hoofd met betrekking tot je werk en je ideeën of gedachten geeft je rust. Rust omdat je niet bang hoeft te zijn dat je iets vergeet. Rust om te ontspannen en opnieuw fris na te kunnen denken. Nadenken om meer werk of activiteiten, zakelijk of privé, beter en sneller te doen! Om het verschil te maken en om tijd vrij te maken voor alles wat leuk is.

NB.

Leren over hoe je een tweede brein opzet en beheert? Op zaterdag 6 november organiseert B&IS voor een beperkt aantal deelnemers een training met een workshop in Dordrecht. Je kunt na de training onmiddellijk aan de slag in de workshop. Meer informatie hierover kan aangevraagd worden op info@bisnis.nu – o.v.v. Workshop mijn tweede brein.

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin
Share on telegram
Share on xing
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on email
Share on print
Share on facebook